- Groep 7a
- Juf Anita Kleinjan
- 30 leerlingen
- Programma's: Muiswerk werkwoordspelling, boekje Word, Vragen bij verkeersexamen, Flitsen
- Drie computers op werkplek (vlak naast het lokaal)
- 630 leerlingen, 40 collega's en drie locaties.
- Ik heb groep 7a en werk op het ogenblik met het boekje Word, Muiswerk spelling,Flitsen en Vragen voor het verkeersexamen.
- Ik heb drie computers tot mijn beschikking.
Elke dag tijdens taal (08.30 t/m 09.30) gaan drie kinderen m.b.v. een beurtlijst naar de computers. Daar mogen ze 20 minuten aan Word werken.
Op die manier doe ik 9 kinderen per dag.
Per week komen ze dus minimaal één maal aan de beurt.
Ik weet dat ze hierdoor 20 minuten van de normale taalles missen, maar dat is ok.
Soms laat ik een leerling die problemen heeft even een beurt overslaan.
De computers staan de hele dag aan.
Het programma " verkeersexamen" draait de hele dag op één computer.
Ze mogen er 10 minuten mee werken. Ze kiezen zelf de les waar ze gebleven zijn.
Ik schrijf op het bord de namen van de kinderen die er die dag mee mogen werken.
Dat hou ik bij in een lijst in mijn map.
Ik laat mijn snelle leerlingen al tijdens de instructie van rekenen hiermee beginnen. Ik laat een blokje doorgeven om zelf te zien waar de beurt gebleven was.
Op de tweede computer draait Muiswerk spelling en daarvoor maak ik per dag een groepje dat er mee moet werken. De tijd verschilt per dag. Het groepje ook.
Ik hou zelf bij wie er met Muiswerk gaan werken.
De derde computer hou ik vrij en die is beschikbaar voor Internet vragen of andere losse opdrachten.
Kinderen die klaar zijn met hun gewone werk mogen daarop vaak met Internet werken of iets opzoeken in de encyclopedie.
Ook is er een klein groepje kinderen dat elke dag moet "flitsen". Zij gebruiken de derde computer als eerste, meestal net na de pauze.
Na een korte periode is iedereen gewend aan deze manier van werken.
De kinderen vinden het geweldig.
Met het verkeersprogramma stoppen we na het examen.
Ik heb aangegeven dat ik iets zoek voor topografie.
Ruud (onze ict coördinator) zou kijken of dat er is.
Hij heeft ook een demo van Pluspunt op het netwerk gezet en ons gevraagd "wat we ervan vinden".
Ik weet eigenlijk niet waar ik op moet letten.
Alle leerkrachten hebben een eigen e-mailadres.
Notulen gaan nog wel via het postvakje, maar ook digitaal.
Vanaf volgend jaar gaat het allemaal digitaal.
Ruud heeft e-mail groepen aangemaakt.
Zo kan ik al mijn collega's (of de kinderen in mijn groep) eenvoudig een mailtje sturen.
De afspraak is dat iedereen elke dag zijn post ophaalt.
Ruud is alle klassen langsgegaan om e-mail uit te leggen en regels af te spreken.
Wij (de leerkrachten) konden op vier momenten na school " op les" .
Ruud is handig en weet veel van computers, internet, enz.
De cursus eigen vaardigheid van Station hebben we niet gedaan, want we hadden al met Instruct gewerkt.
Ruud heeft niets verplicht gesteld of een einddatum afgesproken.
ik weet dat er nu nog collega's zijn die er niets aan gedaan hebben.
Ik erger me wel eens aan mijn collega van groep 7b die de kinderen maar " op het internet laat" zonder opdracht.
Daar zitten ze volgens mij maar doelloos te surfen en onzin op te zoeken. Bovendien laten ze de computers rommelig achter en zijn de koptelefoons alweer kapot.
Op elke bouwvergadering staat ICT op de agenda.
Ruud bespreekt dan meestal één onderwerp.
De volgende keer gaat het over " inzet computers bij zelfstandig werken".
De uitkomst wordt vastgelegd.
Op die manier hebben we internetregels gemaakt en afgesproken dat leerlingen instructie mogen missen en los van het rooster mogen werken.
Twee keer per jaar is er een soort enquete over het computergebruik.
Het kan altijd beter, maar ik ben wel enthousiast.
Juf Anita
|